Een zwerm onbekende drones heeft vorig jaar november gevlogen over de kerncentrale in Borssele, mogelijk door de no-flyzone heen, en ook boven een Amerikaans containerschip. Deze informatie, die tot nu toe niet openbaar was gemaakt, kwam aan het licht door een verzoek op de Wet open overheid en roept vragen op over de veiligheid van de energie-infrastructuur in Nederland.
In november vorig jaar werden in Nederland en andere Europese landen meerdere meldingen gedaan van dronevluchten boven gevoelige locaties, waaronder vliegvelden, militaire complexen, havens en chemische bedrijven. Op 12 november werd een zwerm drones gesignaleerd langs de Zeeuwse kust, eerst bij Domburg in de avond en later bij Vlissingen en Terneuzen in de nacht. Tot voor kort was niet bekend dat deze drones ook in de buurt van de kerncentrale in Borssele zijn gezien.
Volgens documenten en appberichten die zijn opgevraagd, vloog het ‘cluster’ drones ook over de kerncentrale van EPZ in Borssele. De vlieghoogte werd geschat op ongeveer 500 meter, en de richting was terug richting zee. Het Departementaal Coördinatiecentrum Crisisbeheersing (DCC), een onderdeel van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, vond de meldingen belangrijk genoeg om ze te delen met de minister, de staatssecretaris en de ambtelijke top van het ministerie.
De gebeurtenis werd destijds niet openbaar gemaakt, maar is nu naar buiten gekomen door een verzoek op de Wet open overheid. Het incident volgt kort na een soortgelijk incident in België, waar drie dagen eerder drones werden gespot boven de kerncentrale bij Doel, gelegen aan de Westerschelde. Deze opeenvolging van gebeurtenissen versterkt de bezorgdheid over de toenemende dreiging van ongeautoriseerde dronevluchten in de buurt van kritieke infrastructuur.
De kerncentrale in Borssele, beheerd door EPZ (Energie Productie Zeeland), is een cruciale leverancier van elektriciteit voor Nederland. De centrale is afhankelijk van een constante en veilige werking om de energievoorziening te garanderen. Rondom de centrale is een no-flyzone ingesteld om de veiligheid te waarborgen en ongeautoriseerde toegang te voorkomen. Het overtreden van deze zone is een serieuze zaak en kan leiden tot strafrechtelijke vervolging.
De toename van dronevluchten, zowel voor recreatie als voor commerciële doeleinden, heeft in de afgelopen jaren geleid tot een groeiende zorg over de veiligheid. Drones kunnen worden gebruikt voor illegale doeleinden, zoals spionage, verstoring van de openbare orde of zelfs sabotage. De relatieve toegankelijkheid en betaalbaarheid van drones maakt het voor een breed scala aan personen en organisaties mogelijk om ze te gebruiken, wat de uitdaging voor de veiligheidsdiensten vergroot.
De incidenten in Borssele en Doel passen in een bredere trend van drone-gerelateerde incidenten in Europa. Verschillende landen hebben te maken met vergelijkbare situaties, waarbij drones ongeautoriseerd vliegen over gevoelige locaties. Deze incidenten hebben geleid tot een intensivering van de inspanningen om drone-activiteit te monitoren en te reguleren, en om de veiligheid van kritieke infrastructuur te verbeteren.
Het DCC beschouwde de meldingen over de drones als significant genoeg om te escaleren naar de hoogste niveaus van het ministerie. De beslissing om de informatie niet direct openbaar te maken, suggereert dat er een afweging werd gemaakt tussen het informeren van de publieke opinie en het voorkomen van paniek of het geven van informatie aan potentiële kwaadwillenden. De openbaarmaking nu, via een verzoek op de Wet open overheid, heeft de discussie over de veiligheid van de kerncentrale opnieuw aangewakkerd.
EPZ, de beheerder van de kerncentrale, heeft aangegeven de situatie serieus te nemen en een onderzoek te starten naar de omstandigheden rondom de dronevluchten. De autoriteiten overwegen maatregelen om de beveiliging rondom de kerncentrale te versterken, waaronder het verbeteren van de drone-detectie en -monitoring systemen. Er wordt ook gekeken naar mogelijkheden om de wetgeving en handhaving met betrekking tot dronevluchten aan te scherpen.
De gebeurtenis heeft geleid tot vragen in de Tweede Kamer, waar de minister van Infrastructuur en Waterstaat zich zal moeten verantwoorden over de genomen maatregelen en de risico's voor de veiligheid van de kerncentrale. De incidenten benadrukken de noodzaak van een integrale aanpak om de dreiging van ongeautoriseerde dronevluchten te bestrijden, waarbij samenwerking tussen overheden, veiligheidsdiensten en de industrie essentieel is.