De instorting van de mechanismen die grote mogendheden in een gedeelde veiligheidsstructuur hielden, maakt de wereld kwetsbaarder voor conflicten en ondermijnt de basis voor internationale stabiliteit, zo concludeert een analyse van The Economist, gepubliceerd door NRC. Deze afbraak, vergelijkbaar met de gevolgen van de Tsjernobyl-ramp, leidt tot een situatie waarin morele uitspraken de plaats innemen van pragmatische strategieën en strafmaatregelen worden verward met effectieve beleidsvorming. De oorlog in Oekraïne is een symptoom van deze dieperliggende malaise.
De huidige internationale situatie wordt gekenmerkt door een fundamenteel verlies van vertrouwen tussen grootmachten, een situatie die verder gaat dan de directe conflicten die zich voordoen. De traditionele structuren die de basis vormden voor een gedeelde perceptie van veiligheid en wederzijdse afhankelijkheid zijn aan het verdwijnen. Dit resulteert in een omgeving waarin politieke beslissingen minder worden gestuurd door rationele afwegingen en meer door ideologische overtuigingen en emotionele reacties. De oorlog in Oekraïne illustreert dit pijnlijk, omdat het niet alleen een conflict is over territorium en allianties, maar ook een strijd over historische herinnering en de toekomstige wereldorde.
De analyse trekt een parallel met de periode voorafgaand aan de Eerste Wereldoorlog, waarin de toenmalige grootmachten een vergelijkbaar gebrek aan vertrouwen vertoonden en de mechanismen voor conflictpreventie tekortschoten. In die tijd werden morele argumenten en nationalistische sentimenten steeds belangrijker, terwijl pragmatische diplomatie en de erkenning van elkaars belangen achterwege bleven. Dit leidde uiteindelijk tot een catastrofale oorlog die de Europese kaart voorgoed veranderde. De huidige situatie vertoont verontrustende overeenkomsten met die periode, met name de toenemende polarisatie en de afname van de bereidheid tot compromissen.
De auteur, een voormalig natuurkundige, benadrukt dat de wereld niet kan worden beheerst door ideologieën of morele uitspraken. Net als natuurkundige systemen functioneren internationale relaties op basis van complexe, onderling verbonden structuren. Deze structuren zijn kwetsbaar voor verstoringen, en wanneer cruciale verbindingen breken, kan het systeem instabiel worden. Een stroom, zoals een rivier, kan niet zomaar worden gestopt; deze kan worden omgeleid, maar zal altijd blijven bestaan.
De auteur gebruikt de Tsjernobyl-ramp van 1986 als een cruciale ervaring die zijn kijk op de wereld heeft gevormd. De ramp, die zich afspeelde in de buurt van zijn woonplaats, toonde de gevolgen van een systemisch falen, waarbij menselijke fouten, gebrekkige communicatie en een gebrek aan transparantie resulteerden in een catastrofale gebeurtenis. De reactie op de ramp, gekenmerkt door geheimhouding en misleiding, verergerde de situatie en ondermijnde het vertrouwen in de autoriteiten.
Deze ervaring heeft de auteur geleerd dat grote systemen, of het nu gaat om kerncentrales of internationale relaties, kwetsbaar zijn voor onvoorziene gebeurtenissen en dat het essentieel is om de onderliggende structuren te begrijpen om de risico's te kunnen beheersen. De oorlog in Oekraïne wordt gezien als een vergelijkbaar systemisch falen, waarbij de afbraak van vertrouwen en de escalatie van de spanningen tot een conflict hebben geleid dat de internationale veiligheid bedreigt. De focus ligt niet op de directe oorzaken van het conflict, maar op de dieperliggende structurele problemen die de basis vormen voor de instabiliteit.
De vergelijking met Tsjernobyl illustreert ook het belang van transparantie en open communicatie in tijden van crisis. De aanvankelijke pogingen om de omvang van de ramp te verbergen, hebben niet alleen het leed van de slachtoffers vergroot, maar hebben ook het vertrouwen in de autoriteiten ondermijnd. Op dezelfde manier kan het gebrek aan openheid en eerlijkheid in de internationale politiek de spanningen verhogen en de kans op escalatie vergroten.
De afbraak van de mechanismen die de wereldorde tot nu toe in stand hielden, heeft al aanzienlijke gevolgen. De oorlog in Oekraïne heeft de verdeeldheid tussen Rusland en het Westen verder vergroot en heeft geleid tot een hernieuwde wapenwedloop. De afhankelijkheid van Russische energiebronnen is in Europa drastisch verminderd, maar dit heeft ook geleid tot economische problemen en inflatie. De internationale samenwerking op andere gebieden, zoals klimaatverandering en pandemiebestrijding, is ook bemoeilijkt door de geopolitieke spanningen.
De analyse waarschuwt dat de huidige situatie kan leiden tot een fragmentatie van de wereldorde, waarbij verschillende machten hun eigen belangen nastreven zonder rekening te houden met de gevolgen voor anderen. Dit kan resulteren in een wereld die gevaarlijker en onvoorspelbaarder is. De afwezigheid van een effectief systeem voor conflictpreventie en -beheersing vergroot het risico op nieuwe conflicten en escalaties.
De auteur pleit voor een herziening van de internationale veiligheidsarchitectuur, waarbij de nadruk ligt op het herstellen van het vertrouwen en het bevorderen van de samenwerking. Dit vereist een pragmatische aanpak, waarbij de belangen van alle partijen worden gerespecteerd en er ruimte is voor compromissen. Het is essentieel om te erkennen dat de wereld niet kan worden beheerst door ideologieën of morele uitspraken, maar dat een effectieve veiligheidsarchitectuur gebaseerd moet zijn op een realistisch begrip van de complexe systemen die de internationale relaties bepalen.