Musea in Nederland kampen met een stille, langzame vernietiging door insectenplagen, terwijl het Rijksmuseum tegelijkertijd probeert een jonger publiek te bereiken door middel van een samenwerking met Disney en de populaire filmreeks Toy Story. Deze ogenschijnlijk tegenovergestelde ontwikkelingen belichten de uitdagingen en innovaties binnen de culturele sector.

De stille vernietiging in de museumcollecties

Opgezette dieren en historische objecten in musea lijken onverwoestbaar, maar onderhuids vindt een proces van verval plaats. Insecten, zoals de klerenmot, de broodkever en de Noord-Amerikaanse wespkever, verorberen de collecties, een proces dat fotografisch vastgelegd is door de Oostenrijkse fotograaf Klaus Pichler. Zijn serie "The Second Death" toont de fragiliteit van de conservering en de constante strijd tegen de natuurlijke processen die de collecties aantasten. De beelden, vaak surrealistisch en dramatisch, verbeelden de vergankelijkheid van het ogenschijnlijk permanente.

De bioloog Pascal Querner is gespecialiseerd in het bestrijden van deze insectenplagen. Hij vermijdt waar mogelijk het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen, gezien de risico's voor conservatoren en bezoekers. In plaats daarvan zet hij in op preventieve maatregelen zoals het creëren van een optimaal microklimaat, het gebruik van lijmvallen en innovatieve methoden zoals de behandeling van objecten met koolstofdioxide of stikstof om eitjes en larven te doden. Boeken die zijn aangetast door de broodkever worden luchtdicht verpakt om de plaag te stoppen.

De wespkever, oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika, is een bijzonder hardnekkig probleem in Europa. Het dier is een invasieve exoot, wat betekent dat het zich ongecontroleerd kan verspreiden en moeilijk uit te roeien is. De vrouwtjes van deze kever leggen hun eitjes in diverse materialen, waardoor de bestrijding complex en tijdrovend is. De situatie onderstreept de kwetsbaarheid van cultureel erfgoed en de noodzaak van voortdurende waakzaamheid en innovatieve conserveringsmethoden.

Een historische context van conservering

Het conserveren van museale collecties is een relatief recente ontwikkeling. Vroeger werd er minder aandacht besteed aan de duurzaamheid van objecten, en de natuurlijke processen van verval werden vaak als onvermijdelijk beschouwd. De opkomst van de natuurwetenschappen in de 18e en 19e eeuw leidde tot een groeiend besef van het belang van conservering en restauratie. Opgezette dieren werden populair als educatieve en decoratieve objecten, maar de technieken om deze te conserveren waren aanvankelijk rudimentair.

De huidige methoden, zoals die toegepast door Pascal Querner, zijn het resultaat van decennia van onderzoek en experimentatie. De inzet van stikstof, bijvoorbeeld, is een relatief recente ontwikkeling, gebaseerd op wetenschappelijk inzicht in de levenscycli van insecten. De voortdurende dreiging van insectenplagen illustreert echter dat de strijd tegen verval een onophoudelijke cyclus van aanpassing en innovatie vereist.

Het Rijksmuseum en Disney: een brug naar de jeugd

Terwijl de ene helft van de museumwereld worstelt met de vernietiging van bestaande collecties, probeert het Rijksmuseum een jonger publiek te betrekken bij kunst en cultuur. De samenwerking met Disney, en specifiek de filmreeks Toy Story, is een strategische poging om de drempel voor jonge bezoekers te verlagen. De aanwezigheid van Woody, Buzz en hun vrienden in het museum, gecombineerd met doeboekjes en workshops, maakt kunst toegankelijker en aantrekkelijker voor kinderen.

Deze samenwerking is niet nieuw; het Rijksmuseum heeft al eerder themamaanden georganiseerd rond bekende Disney-figuren, zoals Donald Duck en Mickey Mouse. De verlenging van de samenwerking duidt op het succes van deze aanpak en de erkenning van de waarde van entertainment in het betrekken van een jonger publiek bij cultureel erfgoed. De tekenworkshops, waarbij kinderen geïnspireerd worden door klassieke schilderijen om hun eigen verhalen te creëren met Toy Story-personages, stimuleren creativiteit en een persoonlijke connectie met kunst.

De combinatie van een klassieke kunstcollectie met moderne, populaire personages is een bewuste poging om de kloof tussen generaties te overbruggen en de relevantie van musea voor de toekomst te waarborgen. Het is een voorbeeld van hoe culturele instellingen zich kunnen aanpassen aan veranderende behoeften en verwachtingen van het publiek.

#zoals#rijksmuseum#publiek#samenwerking#objecten#Rijksmuseum#Disney#Toy Story#Opgezette#Noord