Ruim een kwart van alle Nederlandse gemeenten, ofwel 99, verbiedt de komende jaarwisseling het afsteken van vuurwerk, inclusief voor verenigingen en stichtingen. Dit besluit, dat vooral in de zuidelijke provincies van Nederland wordt genomen, is het resultaat van een toenemende bezorgdheid over de veiligheid en de capaciteit van handhavingsinstanties.
Een grootschalig verbod op vuurwerk is aangekondigd voor de jaarwisseling, waarbij een aanzienlijk deel van de Nederlandse gemeenten de afsteek van vuurwerk verbiedt. Uit een rondvraag van het AD en zeven regionale kranten blijkt dat minstens 99 van de 342 gemeenten in Nederland een dergelijk verbod invoeren. Dit aantal wordt naar verwachting nog hoger, aangezien veel gemeenten nog hun beslissingen moeten nemen. De Wet Veilige Jaarwisseling biedt gemeenten de mogelijkheid om vuurwerkverboden in te voeren, maar laat tegelijkertijd een opening voor verenigingen en stichtingen om ontheffing aan te vragen. Deze ontheffingen worden echter steeds moeilijker te verkrijgen.
De beslissing om vuurwerk te verbieden is niet beperkt tot grote steden. Hoewel steden als Eindhoven, Nijmegen, Tilburg, Utrecht en Zwolle al eerder vuurwerkverboden hadden, sluiten nu ook andere stedelijke centra zoals Amsterdam, Breda, Delft, Deventer, Leiden en Rotterdam de deuren voor vuurwerk. Ook kleinere gemeenten, vaak in regioverband, volgen dit voorbeeld, met name in Limburg, Brabant en Zeeland. In Limburg hebben 26 van de 31 gemeenten aangegeven geen toestemming te verlenen voor vuurwerk, terwijl in Zeeland 11 van de 13 gemeenten hetzelfde besluit nemen.
De belangrijkste redenen voor deze wijdverspreide invoering van vuurwerkverboden zijn de beperkte tijd om aanvragen voor ontheffingen te beoordelen en het gebrek aan voldoende handhavingspersoneel, zoals politie en buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s). Volgens een woordvoerder van de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema, ondermijnen ontheffingen het effect van het vuurwerkverbod en maken handhaving moeilijker.
De Wet Veilige Jaarwisseling, die de basis vormt voor deze gemeentelijke vuurwerkverboden, is een poging om de jaarwisseling veiliger te maken en de overlast te verminderen. De wet biedt gemeenten de mogelijkheid om vuurwerk af te steken te reguleren, maar laat de uiteindelijke beslissing over aan de lokale autoriteiten. In eerdere jaren waren er al pogingen om vuurwerk te reguleren, maar de recente toename van het aantal verboden duidt op een groeiende bezorgdheid over de risico's en de impact van vuurwerk op de volksgezondheid en de openbare orde.
De toename van vuurwerkverboden is ook te zien als een reactie op de toenemende druk van omwonenden en belangenorganisaties die pleiten voor een veiligere jaarwisseling. De jaarwisseling staat traditioneel bekend om de harde knallen en felle lichtflitsen, wat voor veel mensen, met name ouderen, kinderen en huisdieren, een bron van stress en angst kan zijn. Daarnaast leiden vuurwerkongelukken regelmatig tot letsel en schade aan eigendommen.
De beslissing van gemeenten om geen ontheffingen te verlenen aan verenigingen en stichtingen, is een bewuste keuze om de handhaving te versterken en te voorkomen dat het vuurwerkverbod wordt omzeild. Door het verbod volledig te handhaven, hopen de gemeenten de overlast te minimaliseren en de veiligheid van de inwoners te waarborgen. De druk op de politie en boa’s tijdens de jaarwisseling is al aanzienlijk, en het verlenen van ontheffingen zou deze druk verder vergroten.
De invoering van de vuurwerkverboden heeft geleid tot uiteenlopende reacties. Vuurwerkverenigingen en stichtingen hebben hun frustratie en teleurstelling geuit, omdat ze hun traditionele activiteiten niet kunnen uitvoeren. Zij beargumenteren dat ze vaak een belangrijke bijdrage leveren aan de lokale gemeenschap en dat het verbod een onterechte straf is. Tegelijkertijd hebben veel omwonenden en belangenorganisaties de beslissing van de gemeenten toegejuicht, omdat ze een stap in de goede richting zien voor een veiligere en rustigere jaarwisseling.
De gevolgen van de vuurwerkverboden zijn nog niet volledig te overzien. Er is een risico dat mensen overgaan tot illegale vuurwerkhandel en -afsteken, wat de handhaving nog moeilijker kan maken. Gemeenten zullen extra middelen moeten inzetten om de vuurwerkverboden te handhaven en om illegale activiteiten te bestrijden. De politie en boa’s zullen een cruciale rol spelen bij het toezicht en de bestraffing van overtreders.
De invoering van de vuurwerkverboden kan ook een impact hebben op de economie van de vuurwerkbranche. Winkels die vuurwerk verkopen, zullen minder omzet genereren, en de productie van vuurwerk kan worden teruggedrongen. Dit kan leiden tot banenverlies en economische problemen in de vuurwerkindustrie. De overheid zal mogelijk maatregelen moeten nemen om de impact op de vuurwerkbranche te verzachten.